Achtergrond
Het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 is op 16 mei 2025 ingediend en op 12 februari 2026 door de Tweede Kamer aangenomen. Het vervangt het forfaitaire stelsel door een heffing over werkelijke inkomsten. Hoofdregel is een vermogensaanwasbelasting, waarbij ook de jaarlijkse waardeontwikkeling wordt belast. Voor onroerende zaken en aandelen in startups geldt een vermogenswinstbelasting, waarbij de waardeontwikkeling pas bij realisatie wordt belast.
Tijdens de plenaire behandeling in de Eerste Kamer op 30 juni 2026 is bij ordevoorstel verzocht de stemming over het wetsvoorstel uit te stellen tot de aangekondigde novelle in de senaat is behandeld. Er zijn vier moties ingediend, waaronder een motie over een wet die op een vermogenswinstbelasting is gebaseerd. De motie-Schalk, die uitsprak dat geen bezwaar bestaat tegen intrekking van het wetsvoorstel, is op 7 juli 2026 verworpen; onder meer CDA, VVD, D66 en GroenLinks-PvdA stemden tegen.
Wat dit in de praktijk betekent
De invoering blijft voorzien per 1 januari 2028, maar hangt af van de novelle en de eindstemming in de Eerste Kamer. Volgens berichtgeving van SRA van 1 juli 2026 wordt die behandeling rond januari 2027 verwacht. Tot die tijd blijft het forfaitaire stelsel van toepassing. In juni 2026 lagen onder meer een jaar achterwaartse verliesverrekening, een tarief van 35 in plaats van 36 procent en een heffingvrij resultaat van 1.900 in plaats van 1.800 euro als opties voor; doorrekeningen voor 2028 zijn daarom voorlopig.
Bron
Dit bericht is een signalering en geen advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend; raadpleeg ons voordat u op grond hiervan handelt.