Achtergrond
De beslissing draagt nummer 2026-280569 en is op 17 juli 2026 gepubliceerd in de Staatscourant (Stcrt. 2026, 25867). Zij is de afwikkeling van de aanwijzing massaal bezwaar plus van 25 januari 2023. Onder die aanwijzing vielen alle verzoeken en bezwaren waarop toen nog niet was beslist en alle verzoeken die daarna tijdig zijn ingediend, tot en met de dag vóór de collectieve beslissing.
Aanleiding is het arrest van de Hoge Raad van 25 juni 2026 (ECLI:NL:HR:2026:907). De Hoge Raad bleef erbij dat het Kerstarrest van 24 december 2021 nieuwe jurisprudentie is, die geen grond vormt om een onherroepelijke aanslag ambtshalve te verminderen. Niet-bezwaarmakers verkeren volgens de Hoge Raad niet in dezelfde positie als wie tijdig bezwaar maakte, zodat van discriminatie geen sprake is. Ook het evenredigheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel zijn niet geschonden. De inspecteur acht de rechtsvragen daarmee onherroepelijk ontkennend beantwoord, al is in twee van de vier proefprocedures beslist.
Wat dit in de praktijk betekent
Voor wie over 2017 tot en met 2020 geen of te laat bezwaar maakte, is de weg naar rechtsherstel hiermee afgesloten. De collectieve beslissing is geen voor bezwaar vatbare beschikking en tegen de collectieve uitspraak kan geen beroep worden ingesteld. Een nieuw of herhaald verzoek om ambtshalve vermindering op dezelfde grond heeft geen zin meer. Dossiers waarin alleen een verzoek in het kader van massaal bezwaar plus openstond, kunnen worden gesloten; aanslagen waartegen wel tijdig bezwaar is gemaakt, vallen buiten deze beslissing.
Bron
Dit bericht is een signalering en geen advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend; raadpleeg ons voordat u op grond hiervan handelt.