Achtergrond
De Belastingdienst vermeldt voor 2026 een ongewijzigd tarief in de vennootschapsbelasting: 19 procent over een belastbaar bedrag tot en met 200.000 euro en 25,8 procent over het meerdere. Ook de generieke renteaftrekbeperking staat in het overzicht met dezelfde grenzen. Het saldo aan rente is niet aftrekbaar voor zover het hoger is dan 24,5 procent van de voor deze regeling berekende winst en ook hoger dan 1.000.000 euro.
Daarnaast noemt de Belastingdienst de bedragen van de investeringsregelingen voor 2026. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek geldt voor investeringen tussen 2.901 en 398.236 euro, met 28 procent aftrek tot en met 71.683 euro en een vast bedrag van 20.072 euro tot en met 132.746 euro, dat daarboven afneemt. De energie-investeringsaftrek bedraagt 40 procent. Sinds 1 januari 2026 worden investeringen in het eigen bedrijf en in een gezamenlijk bedrijf daarvoor bij elkaar opgeteld. Voor banken en verzekeraars geldt de minimumkapitaalregel, waarbij rente niet aftrekbaar is voor zover het vreemd vermogen meer bedraagt dan 89,4 procent van het balanstotaal.
Wat dit in de praktijk betekent
Omdat tarieven en schijfgrens gelijk zijn gebleven, verandert de tariefplanning voor een besloten vennootschap in 2026 niet. De aandacht ligt bij de rentelasten: wie per saldo meer dan 1.000.000 euro rente betaalt, moet nagaan of het meerdere binnen 24,5 procent van de winst blijft. Bij investeringen loont het om het totale investeringsbedrag van het jaar te volgen, omdat de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek boven 132.746 euro afneemt en boven 398.236 euro vervalt.
Bron
Dit bericht is een signalering en geen advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend; raadpleeg ons voordat u op grond hiervan handelt.